Haarlemse acteur Michiel Blankwaardt speelt in de clip ‘Real Hero’ van Blaudzun: ‘aangestoken worden door een positief virus’

Via via ontving ik een link naar de nieuwe clip van Blaudzun. Wie zeggu? Blaudzun, die man met die bril en dat haar. Eigenlijk heb ik hem en zijn muziek nooit zo gevolgd. Maar – eerlijk is eerlijk – dit aanstekelijke nummer én deze clip mogen er wezen. De clip ‘Real Hero‘ is tevens een opmaat naar het nieuwe album ‘Lonely City Exit Wounds‘ van Blaudzun. Haarlemmer Michiel Blankwaardt is één van de acteurs die in de clip te zien is.

door Paul Lips

Michiel Blankwaardt (foto: pr)

Real Hero‘ is een ode aan de alledaagse helden. Nu is het woord ‘held’ inmiddels behoorlijk aan slijtage onderhevig, omdat te pas en te onpas het woord ‘held’ klinkt. Een tijdje terug zag ik op straat een juf met haar schoolklas waarvan de kinderen allemaal een hesje droegen met het opschrift ‘Kleine Helden’.

Maar ach, we hoeven er niet al te moeilijk over te doen, want vermoedelijk waren juf en kinderen op weg naar een schoonmaakklus op straat. En als je dan ziet hoe wij met afval en ons eigen leefklimaat omgaan dan ben je blij dat er in elk geval nog lieden zijn die zich daar een béétje druk om maken en zo nu en dan de handen uit de mouwen steken. Waar je meer respect voor kunt hebben dan die figuren die bij warm lenteweer gaan feesten in de parken en daar vervolgens een enorme bende achterlaten. ‘Ruim je rommel achter je kont op’, werd ons in vroeger tijden te verstaan gegeven. Maar ook: gooi rommel nooit zomaar op straat maar in een daarvoor bestemde afvalbak. ‘Laat niet als dank…’, dat was al een campagne die in 1926 werd begonnen door de ANWB, met een affiche van de hand van kunstenaar Willy Sluiter.

De clip van ‘Real Hero‘ speelt zich af tegen het decor van Rotterdam. Een gekwelde man komt in beeld, schreeuwend tegen zijn spiegelbeeld. Een andere – jonge man huppelt vrolijk over straten en pleinen, tussen na-oorlogse bebouwing door. In flitsen zien we hoe zijn Superman-cape om zijn lijf zwiert. Op de achtergrond ontwaren we vaag te vermaarde kubuswoningen (begin jaren tachtig gebouwd) van architect Piet Blom aan Overblaak, ook wel bekend als het ‘Blaakse Bos’. Een paar jaar geleden zijn we daar eens wezen kijken op een zonovergoten dag, een mooie ervaring, mede omdat je ook even binnen kon kijken, aangezien er van één exemplaar een museumwoning (de ‘Kijk-kubus) was gemaakt. Hopelijk is dat binnenkort allemaal weer mogelijk.

Terug naar de muziek, die klinkt als een mengeling tussen jaren tachtig-wave-groep Echo & The Bunnymen en Coldplay. De toon van ‘Real Hero‘ is optimistisch, warm, met een meezing-refrein vol hitpotentie. Na de tocht door de stad ontmoeten de twee mannen elkaar, op een grasveldje met bankjes, vlakbij het water. De ontwapenende lach verschijnt. En dan, op het moment dat de eerst verschenen man wat troep opraapt om deze in een afvalbak te gooien ziet hij zichzelf in een kapotte spiegel. In een flits. Als Superman. De ene sterfelijke held geeft het gevoel door aan de andere.

(publiciteitsfoto)

Haarlemmer Michiel Blankwaardt is trots op het resultaat. ”Ik speel een personage dat een slechte dag meemaakt, een figuur die met zichzelf in de knoop zit. Zo’n man waar je met een grote boog omheen loopt als je hem op straat tegen zou komen. Vervolgens komt die andere figuur in beeld, een veel optimistischer type. Die jongeman – gespeeld door Rutger Messerschmidt – steekt ons als het ware aan met een positief virus, een hero-virus.”

”Blaudzun heeft zich laten inspireren door het zoontje van een bevriend stel van hem. Hun zoontje van drie was doodziek. Blaudzun heeft dat gevoel van de ‘held op de vierkante centimeter’ daar in willen stoppen. Helaas is dat jochie overleden. Daarmee krijgt het lied een extra lading. Toch overheerst het positieve, het is een pakkend lied en ligt lekker in het gehoor. Ik krijg heel veel positieve reacties, van veel verschillende kanten.”

Michiel, Rutger en Blaudzun (publiciteitsfoto)

”Het contact ontstond via de regisseur van de clip, Karsten de Vreugd. Ik werkte met hem samen nog vóór de coronapandemie. Die samenwerking beviel wederzijds zó goed dat hij beloofde me te bellen als hij me als acteur ook op andere terreinen zou kunnen inzetten. Dit personage dat ik speel is weliswaar wat meer duister en gekweld, maar het was een bijzondere klus om te doen. In guerilla-stijl zijn we – met regisseur Karsten de Vreugd en cameraman René Hoeksema de stad Rotterdam doorgecrosst om op al die locaties te filmen. Een heel inspirerende draaidag. Als acteur moet je veel verschillende dingen doen vind ik.”

Video credits:

Director: Karsten de Vreugd

Executive Producer: Hidde Boersma, Roy van Kessel, Karsten de Vreugd

Producer: Jolijn van Rinsum

Director of photography: René Hoeksema

Production Assistent: Fleur Wiegman

Production Assistent: Joost Boeke Editor: René Hoeksema

Cast: Rutger Messerschmidt, Michiel Blankwaardt, Amy Lukassen

Special thanks to Muriel Moerings

Production Company: SUGAR RUSH FILM

Haarlemmer Bert Saan over de actie ‘Houd de Hermitage open’ en de link met het Museum van de Geest

Het Amsterdamse museum de Hermitage houdt een actieweek voor de geefcampagne ‘Houd de Hermitage open’. Vandaag – dinsdag 6 april – is de actieweek van start gegaan. Met medewerkers en betrokkenen gaf directeur Annabelle Birnie om vijf voor twaalf het startschot. Hermitage-duty manager Bert Saan woont in Haarlem en staat achter de ondersteuningsactie. “De Hermitage Amsterdam heeft natuurlijk een belangrijke link met Haarlem, doordat de dependance Museum van de Geest – Outsider Art daar is gevestigd.”

door Paul Lips

(foto: Agnes van Es)

Houd Ons Open‘, die woorden zijn sinds dinsdag te zien vanachter de ramen van het gebouw aan de Amsterdamse Amstel. Met een ratel zette directeur Annabelle Birnie haar woorden kracht bij. Want de ongesubsidieerde Hermitage is in financiële nood. ,,Elke euro is welkom”, zei Birnie tegen een reporter van Radio1. De culturele sector heeft het zwaar, vooral de instellingen, artiesten en kunstenaars die geen staatssteun ontvangen. Dan zou het niet al te ingewikkeld moeten zijn om met een paar eurootjes zo’n mooi museum te ondersteunen.

Houd de Hermitage open —

Haarlemmer Bert Saan maakt deel uit van een team van duty managers dat verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken, zoals het aansturen van kassamedewerkers of regelwerkzaamheden met betrekking tot de audiotours. Ook Bedrijfs Hulp Verlening (BHV) – hulp bij calamiteiten – zit in zijn pakket. Maar Saan deinst er evenmin voor terug om de hogedrukspuit ter hand te nemen teneinde buiten de groen uitgeslagen tegels en stenen te reinigen.

(foto: Bert Saan)

“De Hermitage is twaalf jaar geleden opgezet als museum zonder subsidie, maar met als speerpunt de steun van bedrijven. Dat is al die jaren goed gelukt, maar toen kwam vorig jaar de coronapandemie. Het vervelende is dat je dan buiten de boot valt voor steun van de overheid, omdat je wordt aangemerkt als bedrijf. Dus is het plan ontstaan voor een zogeheten ‘harde actieweek’. We hebben bij het startsignaal even wat herrie gemaakt, ondersteund door een aantal rondvaartboten.”

In Haarlem hebben we het Museum van de Geest, eerder bekend onder de naam Dolhuys, waar ontelbare bezoekers de weg wisten te vinden naar tentoonstellingen rondom de psychiatrie in al haar facetten. In de Hermitage is sinds 2016 het Museum van de Geest – Outsider Art in de Hermitage als dependance gevestigd. Er is werk te zien van kunstenaars die de innerlijke stem volgen, buiten de gebaande paden van de gevestigde kunstwereld. Bij die kunstenaars vaak sprake is van een psychiatrische achtergrond. Een van de beroemdste Nederlandse voorbeelden is Willem van Genk (1927 – 2005).

‘Lausanne’, © Willem van Genk

“Daarnaast is er ook een gedeelte van het Amsterdam Museum ondergebracht”, legt Saan uit, die zelf is afgestudeerd als docent beeldende vorming en kunstgeschiedenis en zich als ‘een vis in het water’ voelt in De Hermitage.

“Er is natuurlijk een link met de Hermitage in Sint-Petersburg omdat de stichter van die stad, tsaar Peter de Grote, in 1697 stage liep op een Zaanse scheepswerf. En in de 19de eeuw was onze koning Willem II getrouwd met de Russische tsarendochter Anna Paulowna. Het gebouw aan de Amstel – in klassieke monumentale stijl – was eerst een verpleeghuis, en heeft model gestaan voor de Hermitage in Sint-Petersburg. Cathelijne Broers was de vorige directeur van de Hermitage Amsterdam en onder haar leiding werd ook de Hermitage voor Kinderen ingesteld, gratis kunstonderwijs voor kinderen die het niet breed hebben.”

“De reacties op de actie ‘Houd de Hermitage Open’ zijn nu al hartverwarmend. Er komt van allerlei kanten steun, dat is geweldig. Wat ook fijn is is dat belangstellenden met een testbewijs op zak als onderdeel van zogeheten ‘pilots’ in de week van 21 tot en met 23 april een mogelijkheid krijgen de Hermitage te bezoeken. Alles is te lezen op de website waar de actuele ontwikkelingen met betrekking tot het museumbezoek te vinden zijn.”

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2021/04/06/culturele-activiteiten

Oóit zal het er toch van gaan komen: cabaretduo Stan en Wietse in de uitverkochte kleine zaal van de Philharmonie in Haarlem: ‘onze droom blijft overeind’

Alles was klaar. Een spiksplinternieuwe voorstelling met nieuwe conférences en liedjes. ‘We zullen zijn’, was de titel. De kleine zaal van de Philharmonie wachtte. Uitverkocht. Het Haarlemse cabaretduo Stan en Wietse zou gaan triomferen daar, zoveel was duidelijk. ‘Het was hélemaal écht”, zegt Wietse Algera. Toen kwam de persconferentie en volgden de maatregelen. Maart 2020. Wat een vrolijke droom moest worden op 21 maart 2020 werd een soort van nachtmerrie.

door Paul Lips

Stan en Wietse (publiciteitsfoto)

Stan Put en Wietse Algera maken al sinds jaar en dag cabaretvoorstellingen. De ene keer noemen ze zo’n programma ‘Afscheidscomeback‘, de andere keer ‘Dikke Retro‘. En ze slagen er toch altijd weer in zaaltjes vol te trekken, zoals het Posthuis in het Zaanenpark, dat enkele jaren geleden maar liefst vier keer uitverkocht. ‘De Liefde’ is een favoriet thema van de twee, met alle perikelen daar omheen. Steevast gelardeerd met liedjes die door Stan Put van pianobegeleiding worden voorzien.

Beiden zijn actief in het onderwijs. Twee jaar geleden belandden ze voor een schnabbel op een congres over ‘kansengelijkheid’ en ‘passend onderwijs in de regio Kennemerland’ dat werd gehouden in de kleine zaal van de Philharmonie. Daar werden contacten gelegd met de organisatie van de Stadsschouwburg & Philharmonie. Wietse: ,,Een prachtige zaal is dat natuurlijk, die kleine zaal. Mooi podium.”

Stan: ,,En heel goed geluid. Mooie vleugel. Dat roept verlangen op. Om een avondvullend programma te kunnen doen. Op dié specifieke plek.”

Wietse: ,,Maar toén kwam Stan met een verhaal.”

Stilte.

Stan: ,,In 2018 ging ik met mijn vriendin op vakantie naar Italië, naar Umbrië om precies te zijn. Een prachtige streek. We kwamen daar terecht bij een wijnboer die zijn eigen wijnen produceerde. Een heerlijke vakantie. We hadden regelmatig contact met die man, een hele aardige kerel. Aan het einde van de vakantie opperde ik het idee om een keer terug te komen om druiven te plukken. Het toeval wil dat verderop in die streek een oude boerderij te koop was. Dus wij zagen het al helemaal voor ons. Die man, Moreno, was ook de jongste niet meer, dus als hij zijn bedrijf voort zou willen zetten, dan zou ik wellicht…”

Stan bouwt de spanning in zijn verhaal stapje voor stapje op.

Wietse interrumpeert. ,,Dus ik kom hier op een gegeven moment binnen, óveral dozen wijn. Je kon hier nauwelijks meer lopen. Zegt Stan doodleuk: ik ga dat doen. Ik ga met Syl naar Italië. We gaan daar wonen en druiven verbouwen. Maar… pas over vier jaar of zo.”

Stan: ,,Ik ben iemand die snel ergens ja tegen zegt. Ik reageer spontaan op dingen. Die oude boerderij met die wijngaard, dat was te mooi om waar te zijn natuurlijk.

En die oude wijnboer die wilde mij best dat vak leren. Dus dat zou prachtig zijn. Alleen wisten we nog steeds niet wat die ouwe vervallen boerderij moest gaan kosten. Uiteindelijk zijn we toen in de herfstvakantie opnieuw naar Italië gereisd…”

Het intrigerende avontuur was voor Stan en Wietse het vertrekpunt. De kapstok om het verhaal van ‘We zullen zijn‘ aan op te hangen. Ze trokken zich terug in ‘De Hut der Hutten’ bij Baarle, waar ze steevast aan nieuw materiaal kunnen werken. Met het befaamde Rode Boek binnen handbereik, waarin alle ideeën, teksten en flarden worden vastgelegd. Het proces van schrijven, schrappen en herbezinnen.

Stan: ,,Daar hangt een zwijnenkop aan de muur. Hij is heel arrogant en zegt nooit wat terug. Als hij zwijgt dan is het goed. Maar soms drijft die kop ons ook tot razernij! ‘Whatdafack, zeg ‘ns wat terug!”

optreden tijdens Gluren bij de Buren in februari 2020, vóór corona in Nederland uitbrak (eigen foto)

Ondertussen hing in elke supermarkt een flyer met de aankondiging van de voorstelling ‘We zullen zijn’ en kochten steeds meer belangstellenden een kaartje in de voorverkoop. Try-outs werden gespeeld, ook tijdens Gluren bij de Buren, bij Stan Put thuis in de Maerten van Heemskerkstraat in Haarlem-Noord. Drie sets, drie keer volle bak in de huiskamer. ,,Hele goeie reacties, dus ons vertrouwen groeide”, zegt Stan.

Wietse: ,,Eén publiek heeft de voorstelling in november 2019 in z’n geheel gezien. Zaal ‘De Meerkoet’ in Lisserbroek. Een zaal vol zestig- en zeventigplussers. Tijdens het Zondagmiddagpodium van de organisatie Meerwaarde. Toen hebben we hier en daar wel enkele woorden gekuist. Dat was een hele leuke matinee. En: voor loúter onbekenden!”

Stan: ,,Maar onze vorm van cabaret is natuurlijk gewoon traditioneel. Verhalen met een lach en een traan. En vervolgens komt er dan een mooi lied. Maar wat ik wel goed vind van deze nieuwe show is dat we nu echt allebei ons verhaal hebben. Dus niet meer zozeer samen, maar meer individueel.”

Wietse: ,,Geen geforceerde dialogen. Gewoon een van ons die een verhaal vertelt. Vanuit het eigen perspectief. Ik zie en vertel over al die dozen met wijnflessen door het hele huis, en Stan legt dan in zijn eigen verhaal uit hoe lekker die wijnen smaken. Voor ons betekent dat kiezen voor meer monologen een paar stappen vooruit.”

En nu? Een nieuwe datum is nog niet geprikt. De besmettingen lopen weer fors op. De afgelopen periode heeft het duo met enige regelmaat livestreams gedaan waarin enkele liedjes uit de voorstelling ten gehore werden gebracht. Een kerstlied gemaakt voor december 2020. Ondertussen doen ze zo nu en dan ook mee met het fenomeen ‘clubhouse’ en publiceert Stan Put gedichten op zijn Facebookpagina. De heren blijven positief. Wie weet kan het in het najaar gaan gebeuren. ,,Ooit gaat het natuurlijk een keer lukken. Onze droom blijft overeind.”

‘Lo saremo’ roepen de mannen in koor. En dat blijkt natuurlijk ‘we zullen zijn’ te betekenen in het Italiaans.

(9) Stan en Wietse | Facebook

Oud-Haarlemmer Jeroen Thijssen stort zich op Peter Pontiac-biografie, die in 2023 zal verschijnen: ‘Een bijzondere, grote tekenaar’

Oud-Haarlemmer en auteur Jeroen Thijssen gaat de biografie schrijven van underground-tekenaar Peter Pontiac (Beverwijk, 1951 – Amsterdam, 2015). ,,Een grote eer, want Pontiac was een bijzondere, grote tekenaar”, zegt Thijssen er over. Peter Pontiac was tijdens zijn werkzame leven populair in Haarlem, mede door zijn connectie met punk en rock ‘n roll en de popscene in de Spaarnestad. Even bellen met ‘s Hertogenbosch, waar Jeroen Thijssen sinds jaar en dag woont.

door Paul Lips

Jeroen Thijssen (eigen foto)

Wanneer kunnen we de biografie verwachten?

,,Nou, pas in 2023 hoor. Eerst ga ik heel veel mensen interviewen en allerlei gesprekken voeren. Ook met heel veel mensen die ik nu nog niet ken. Dat wordt een heel interessante tijd, want Peter Pollman, zoals hij werkelijk heette, heeft zeker geen saai leven geleid. Als tekenaar was hij autodidact. Eerst raakte hij aan de heroïne en was hij vooral tekenaar van de underground, en in zijn latere leven heeft hij het verhaal van zijn familie en vader in stripvorm getekend. Zijn vader Joop was lid van de Waffen SS en oorlogscorrespondent aan het Oostfront. Dat boek ‘Kraut’ heeft Pontiac een hoog aanzien gegeven in de stripwereld. Hij kreeg er verschillende prijzen voor.”

Je schreef eerder de uitstekend ontvangen biografie over de markante culinair recensent Johannes van Dam… Hoe kwam het idee om juist de bio over Peter Pontiac te gaan schrijven tot stand?

,,Ja, je zou kunnen zeggen dat ik de smaak te pakken heb. Dus ik heb tegen mijn uitgever Nieuw-Amsterdam gezegd dat ik graag de biografie van Peter Pontiac wil schrijven. Er zijn namelijk plannen om in 2023 in een museum in Heerlen een overzichtstentoonstelling te houden die in het teken staat van zowel Peter Pontiac als de Amerikaanse tekenaar Robert Crumb. Zoals je weet was Crumb een van de voorbeelden van Pontiac.”

© Peter Pontiac 2008

Wat heb je zelf met zijn werk?

Via school kende ik de broer van Peter Pontiac, Paul Pollmann, later trouwens een puike drummer. In onze scene op het Lorentz Lyceum aan de Planetenlaan – officieel Sportweg – in Haarlem-Noord bevond zich ook Peter Stufkens, die nu beeldend kunstenaar is maar in die jaren zeventig-tijd van die Pontiac-achtige stripjes en cartoons tekende. Ik ben toen begonnen met het scenario voor een stripverhaal, maar eigenlijk is dat nooit verder gekomen dan één getekende pagina. Maar de tekeningen die Peter Pontiac in die tijd maakte, met al die junkies, muzikanten en pin-ups, die spraken zeker tot de verbeelding. Bijzonder was dat Pontiac ook met kleurpotlood werkte. Dat was niet gebruikelijk bij striptekenaars, maar dat werd een van zijn kenmerken. Maar in feite was hij een duivelskunstenaar die net zo makkelijk een parodie maakte op een klassiek schilderij.”

© Peter Pontiac 1996

Lees ook:

MAGISCHE TEKENHAND – Spaarnestroom

Biografie – Peter Pontiac

Joshua Baumgarten en TRIK over het ‘We…are Doomed’-project: ‘We versterken elkaar alleen maar’ – woensdag 17 maart signeersessie bij Athenaeum Boekhandel in Haarlem

Muziek als een mokerslag. Riffs en drums die als mitrailleurvuur jouw hersens opensplijten met als doel: ‘Denk na! Onderscheid je van die eenheidsworst! Máák iets van je leven.” Want: ‘We…are Doomed’ Tussen de bedrijven door hebben kunstenaar TRIK en spoken word artist Joshua Baumgarten even een momentje te vertellen over het meest recente project van The Irrational Library. Woensdag 17 maart 2021 – de dag van de verkiezingen – signeert het tweetal tussen 12.00 en 13.00 u. bij Athenaeum Boekhandel aan de Gedempte Oude Gracht, waar inmiddels een etalage is ingericht. ‘De hele etalage is dus ‘doomed’, haha’, zegt TRIK.

door Paul Lips

In de vanwege de coronapandemie nog steeds gesloten grote zaal van Nieuwe Vide aan de Minckelersweg hangen overal cartoons en kunstwerken, maar ook grote doeken met ‘We…are Doomed‘-beeltenissen. Het is te hopen dat er een moment komt dat het publiek daar binnen mag lopen om kennis te nemen van het werk van TRIK, al dan niet gepaard gaand met de livemuziek van The Irrational Library.

Suck‘ is de laatste single. Een mokerslag van 52 seconden.

Zuig die wereld maar op, door een plastic rietje, slurp dat fastfood maar naar binnen als een laxeermiddel, verzuip die maffe zakenlieden in hun eigen zwembad, en neem gewoon een overdosis om de leegte te doden. Immers: rock ‘n roll is verworden tot een uitverkoop, net als politiek en de zorg. En maakt het iemand ene reet uit?

Dat is in enkele zinnen de strekking van het gedicht van Joshua Baumgarten. Ze komen tot stand door te spelen met woorden, zegt hij er zelf over. ,,De muziek bij deze single is ‘punk inspired”, weet TRIK. ,,Punk is a state of mind”, zegt Joshua. ,,An attitude.”

Invloeden komen overal vandaan. Soul, rock, jazz. Dat leidt uiteindelijk tot een unieke sound waar de woorden van Baumgarten op een gloedvolle manier hun weg vinden.

TRIK: ,,Dit clipje lijkt heel simpel. Maar eigenlijk vind ik hem de mooiste. Als een mitrailleur krijg je die cartoons op je afgevuurd. Maar dat gaat dan weer zó snel dat je die clip vast nóg wel een keer gaat bekijken. En vervolgens kun je zoeken naar die afbeeldingen, of ze in het bijgaande boek bekijken.”

(beeld: We… are Doomed / Athenaeum Boekhandel Haarlem)

,,We zijn in januari naar buiten gekomen met dit project. Aanvankelijk ging het nog heel erg over Donald Trump. Maar nu zie je dat het gevoel dat dat oproept perfect past bij de Nederlandse verkiezingen.”

Joshua: ,,De wereld stopt niet na Trump. Mensen blijven gewoon idiote dingen doen in hun leven. Daar maakt TRIK dan weer al die tekeningen van.”

TRIK: ,,Het project blijft steeds in beweging. Omdat we heel snel in staat zijn om te reageren op actuele ontwikkelingen. Daarnaast hebben we het boek en het eerder gemaakte werk. En we blijven nog steeds boos over van alles, haha. Gedateerd wordt het nooit. Overigens zijn er binnenkort ook werken uit het project te zien bij museum De Fundatie in Zwolle, met leerlingen van de afdeling ‘Illustration Design’ van ArtEZ Zwolle, waar ik doceer. Daarbij hebben we ons laten inspireren door de DaDaïst John Heartfield, die destijds al fotomontages maakte.”

Een financiële ondersteuning van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie betekent dat de mogelijkheden worden vergroot. Zodra er weer kan worden opgetreden zal TRIK daar fungeren als ‘live action-painter’ die op het podium streetart vervaardigd. ,,Denk maar aan de manier waarop Keith Haring dat deed. Ik doe dat op mijn eigen Mr. Monk-manier. Dus wat ruiger dan de politieke cartoons. Echt met potten verf, grote kwasten enzovoort.”

Dat wordt echt een ‘We…are Doomed’-experience, legt Joshua Baumgarten uit. ,,Het publiek wordt er in ondergedompeld. Een vriend van me zei laatst: oh, you wanna play for thinkers not for drinkers’. Wij doen het inderdaad helemaal op onze eigen manier, je krijgt al die ervaringen over je uitgestort. Wij nemen de tijd om zo’n zaal helemaal om te bouwen tot een ‘We…are Doomed’-sfeer.”

Dat stadsdominee Tom de Haan deel uitmaakt van de band The Irrational Library levert hier en daar nog wel eens gefronste wenkbrauwen op. Een verspreider van de gedachte ‘We…are Doomed’, kán dat wel allemaal? Baumgarten en De Haan gingen er met elkaar over in gesprek.

Joshua: ,,Iedereen kan het op zijn of haar manier interpreteren en mag zijn eigen gedachten er op los laten. Wie het geluk heeft verliefd te worden zal een groot deel van z’n leven gelukkig kunnen zijn. Maar uiteindelijk zijn we gedoemd te sterven en dat doe je alleen.”

TRIK: ,,Het is onze sarcastische manier om naar de wereld te kijken. You can’t have them all. Dat is het probleem met kunst. Mensen zijn al heel snel beledigd, of vatten dingen verkeerd op. Je mag het interpreteren zoals jij het wilt. Als je alleen maar denkt: we are doomed, that’s the end, dan begrijp je ons punt niet. Daar begint het juist. Wij laten zien wat er gebeurt in de wereld.”

We praten over de huidige tijd, waarin iedereen met een muisklik dingen tot zich kan nemen zonder er moeite voor te hoeven doen. Alles binnen handbereik. Even een twitterberichtje eruit gooien met je mening en je bent weer klaar. Joshua vertelt hoe hij als tiener destijds in New York op zoek ging naar een video van de film ‘The Great Rock ‘n Roll Swindle‘ van The Sex Pistols, en allerlei winkels afliep. Zulke zoektochten bestaan bijna niet meer. Dat je moéite moet doen om op zoek te gaan naar muziek, kunst of boeken die er toe doen. Alles draait om geld, weten Baumgarten en TRIK. Nieuwszender CNN lag op z’n gat en werd weer groot vanwege de capriolen van Donald Trump. Wie de cartoons in het boek bestudeert ziet de massaconsumptie van ideeën, producten en zelfs al die idealen die verworden zijn tot een soort plastic eenheidsworst. ‘Zelf keuzes maken’ is het motto van Baumgarten en TRIK. Dat begint al met het karton waarin je televisie- of cappuccino-apparaat zat verpakt en dat jij achteloos bij de vuilcontainer in je wijk neerzet omdat je te lui bent om het op de manier af te voeren zoals dat zou moeten.

Joshua: ,,Everybody is looking at the same tv-programs. Wears the same clothes. Eats the same food. Waar is de subcultuur in Haarlem gebleven? Het is allemaal dezelfde shit. Eenheidsworst. Met dit project zoeken wij naar inhoud.”

TRIK: ,,Zoals Joshua het formuleert: we zijn ‘two trains on one trail next to each other’. Twee treinen naast elkaar die hetzelfde spoor volgen. Daarnaast zullen we voor de liveoptredens samenwerken met allerlei speciale gasten, deejays en kunstenaars. Steeds weer nieuwe namen.”

We…are Doomed. (irrationallibrary.nl)

TRIK© (illustrik.nl)

https://www.museumdefundatie.nl/nl/van-wie-is-de-wereld-bijdrage-trik-en-artez/

Shotjes optimisme: de moed er in houden met Henrike van Engelenburg

Hoe vergaat het Henrike van Engelenburg van Van Engelenburg Theaterproducties aan de Van Ostadestraat (Kleverpark) in Haarlem-Noord? Tijd voor een wandeling door het zonovergoten Bloemendaalse Bos. Mét Henrike en haar trouwe hond Duffie, die inmiddels de artiestennaam ‘Koekeloere’ aangemeten heeft gekregen. Koekeloere zorgt voor positiviteit. En optimisme is hard nodig tijdens deze coronapandemie.

door Paul Lips

Henrike met Koekeloere (foto pl)

Het rijke culturele leven is praktisch volledig tot stilstand gekomen. Waren er vorig jaar hier en daar nog voorstellingen voor slechts enkele personen mogelijk, na de lockdown van december afgelopen jaar konden ook zúlke bijeenkomsten vooralsnog als taboe worden beschouwd. Impresariaten, makers, zalen, producenten, technici, allemaal hebben ze het zwaar. Een triest bericht op de Facebookpagina van Henrike van Engelenburg – begin februari – trok mijn aandacht:

Vorige week hebben we plaatsgemaakt voor een ander. Ons kantoor is voor hem leeg geruimd. De één floreert in deze crisis, de ander worstelt. Zo zet je samen meer dan een miljoen om, zo zijn we blij met driehonderd euro. Van het een op het andere moment. Buiten je schuld om.

Na bijna 25 jaar bestieren we ons werk weer vanuit huis. Zoals ik begon in mijn studentenkamer op de Ina Boudier Bakkerlaan in Utrecht, zo zit ik weer achter mijn bureautje thuis.

MAAR… de omstandigheden zijn íets anders: meer vierkante meters dan toen (twaalf keer meer), een tuin in plaats van een balkonnetje, minder huisgenoten (drie keer minder), slimme huisdieren (die had ik toen waarschijnlijk ook), ik doe het niet alleen (collega’s werken ook vanuit huis) en het allerbelangrijkste, ik weet wat ik wil en vooral wat ik niet wil. Ik ken mijn kracht en mijn onvermogen.

Deze periode van stilstand biedt mij onverwacht ruimte, een overzichtelijke toekomst van vrijelijk schrijven, regisseren en spreken. Hoe ziet #Koekeloere dat?

(foto Henrike van Engelenburg)

Even terug naar halverwege de jaren negentig. Dan start Van Engelenburg haar impresariaat en productiebureau. Eerst nog vanuit een studentenkamer in Utrecht, later aan de Haarlemse Van Ostadestraat. Jeugdliteratuur is het vertrekpunt voor allerlei prachtige theatervoorstellingen, zoals ‘De Kleine Kapitein‘ (naar de boeken van Paul Biegel), ‘Achtste groepers huilen niet‘ en ‘Oorlogsgeheimen‘ (naar de boeken van Jacques Vriens). Het gaat voor de wind, de foto’s op haar website getuigen daar van. Of het nu een zandtekenaar betreft, een creatieve singer-songwriter of zelfs die ouwe mopperkont Gerard Cox, Henrike weet ze te stimuleren tot grote kunsten. ‘Rasondernemer’, ‘een creatief tot op het bot’, ‘ideeënfontein en bouwer’ zijn slechts enkele van de enthousiaste kwalificaties die haar worden toegeschreven door partners die met haar samenwerkten. Daarom is de aanblik van de foto van het leeggehaalde kantoor aan de Van Ostadestraat zo schrijnend. Toch zal Van Engelenburg de laatste zijn om bij de pakken neer te gaan zitten. Terwijl Koekeloere vrolijk voor ons uit rent legt ze uit dat de koerswijziging en verbreding van haar carrière in feite al vóór de coronapandemie werd ingezet.

,,Twee jaar geleden ben ik begonnen als schrijver. Ik wilde voor mezelf de lat heel laag leggen. Ik had een verhaal, wilde iets kwijt. Februari 2019 zei ik tegen m’n man: ik word schrijver. M’n man zei: ‘dan ga je niks meer verdienen’. Ik zei: ‘nou dan moet jij maar wat meer verdienen, haha’.”

(beeld: Henrike van Engelenburg)

Het was een niet helemaal onlogische keuze. ,,Immers, ik heb een schat aan ervaring als theaterproducent. Dat betekent: héél veel scripts lezen. Redactie doen. Persberichten schrijven. Dat is heel doelgericht schrijven, en dat ging me altijd wel goed af. Twee jaar geleden al heb ik m’n bedrijf opgedeeld, waardoor ik financiële ruimte kreeg.”

,,Ik was niet meer helemaal happy, ik moést gewoon iets anders gaan doen. En het gekke was, er kwamen meteen dingen op m’n pad. Ik heb toen een boekje geschreven samen met Jacques Vriens, de jeugdboekenschrijver. Een kerstverhaal over adolescentie van een kind, een jongetje. Maar ik had nog nooit een boek geschreven! Jacques wilde me wel helpen, als oude onderwijzer. Hij had al een gedeelte geschreven: ‘winter’. Ik heb daar vervolgens ‘voorjaar’, ‘zomer’ en ‘herfst’ bij geschreven. Parallel loopt de groei naar volwassenheid van die jongen. Dat betekende concreet: schrijven in de stijl van Jacques Vriens. Ik heb heel veel plezier met hem gehad tijdens dat proces.”

,,Toen moest er ook een theaterscript komen, vond ik. Toen zei Jacques: schrijf jij ook maar dat script dan. Dat zou ik vroeger dus nooit gedaan hebben, dan had ik dat ongetwijfeld uitbesteed. Maar het ging me heel makkelijk af. Dat komt misschien ook doordat ik al 23 jaar lang ervaring had met scripts lezen. Regisseur Bruun Kuijt las het en zei: ‘hartstikke mooi verhaal, niks meer aan doen’.”

,,Dus in september 2019, ging ik de productie verkopen voor in de theaters, voor het jaar 2020. Toen kwam in maart 2020 corona en hebben we direct besloten om de voorstelling ‘er uit te halen’. Hopelijk kunnen we hem nog eens uitbrengen. Maar dat gaat heel lang duren, zeker voor de culturele sector.”

Terwijl Koekeloere zich de aandacht van enkele passerende kinderen laat welgevallen praten we over de cultuursector (‘daar werken 300.000 mensen, maar dat zijn voor negentig procent freelancers’), het pijnlijke moment van de vrachtwagen die vertrok met de laatste spullen uit het kantoor aan de Van Ostadestraat (‘collega-winkeliers schoten weg toen ze me zagen, of deden net of ze me niet zagen’) en over het gevoel ‘alsof de wereld vloeibaar is’ (‘je probeert je af te zetten maar dat lukt niet, omdat de wereld vloeibaar is geworden, zo voelt het bestaan tijdens deze pandemie’). De berichtgeving in de media (kranten, televisie, radio) helpt ook al niet erg om zicht op perspectief te houden. ,,Genuanceerde meningen zijn niet interessant voor een televisietalkshow. Je moet heel hard roepen: alle terrassen moéten open’ en dan zit je ‘s avonds ergens aan tafel. Mede daarom ben ik gestopt met het lezen van kranten. Ik wil geen extremen, ik zoek de nuance.”

(beeld: Henrike van Engelenburg)

Zo’n vijf jaar heeft Henrike nu Duffie, een kruising tussen een teckel en een jack russell. ‘Duffie’ is zijn echte naam, maar zijn artiestennaam is ‘Koekeloere‘. Sinds september afgelopen jaar schrijft Henrike korte dialogen onder de noemer shotjes optimisme. Gesprekken die zij met Koekeloere houdt. De hond is fotogeniek, vrolijk en charmant. Vooral via instagram kun je ze lezen, de puntige stukjes (‘tegelwijsheden’) die een glimlach op je gezicht toveren. Het werkt bovendien twee kanten uit, want het noteren van zulke dialogen helpt Henrike haar pen nog meer te scherpen. Iets dat ze goed kan gebruiken voor haar manuscripten. Zoals haar roman over ‘een vrouw die geboren is voor het geluk, maar donkere gedachten heeft’. Twee jaar geleden begon ze er aan en schreef (‘wel met een aantal tussenpozen’), en nu is het boek bijna af. Eind maart gaat het naar de uitgever. ,,Ik kreeg een enorme kick van de positieve reacties. Ik moest immers zelf nog gaan geloven dat ik goed kan schrijven. Mensen zeiden: je hebt echt een verhaal, ga daar mee door. Veel geld zal ik er niet mee gaan verdienen. Want dan moet je een bestseller schrijven. Schrijven en een boek uitbrengen moet je niet doen met het oog op financieel succes.”

(beeld: Henrike van Engelenburg)

Ondertussen blijft ze bezig met online-theatervoorstellingen voor het bedrijfsleven, waarmee ze er in slaagt nog twintig procent van de eerdere omzet bij elkaar te schrapen. Als de theaters weer open kunnen hoopt Van Engelenburg zich weer te kunnen laven aan nieuwe verhalen. Voorstellingen zullen tijd nodig hebben om geproduceerd te kunnen worden. ,,Ik verwacht veel solo’s en het hernemen van oude stukken. Daarna kunnen er weer nieuwe producties worden bedacht.”

Alles is te volgen via haar instagram-account en eigen website Henriekfabriek. ,,Heb je gezien dat er inmiddels een Wiki-pagina over mij is geschreven? Die onbekende journalist heeft zich heel gedegen ingelezen, dat is duidelijk te zien. Daar ben ik erg blij mee.” Ondertussen blijft Henrike van Engelenburg onverminderd positief in het leven staan. Of, om een shotje optimisme te citeren: ‘We hebben nog zo ver te gaan Koekeloere… ‘Ja, maar kijk eens hoe ver we al zijn gekomen!’

Henrike van Engelenburg (@henrikevanengelenburg.nl) • Instagram-foto’s en -video’s

www.henrikevanengelenburg.nl

Henrike van Engelenburg – Wikipedia

Theater De Liefde levert met online-voorstelling ‘Aanwaaien’ een mooi visitekaartje af

Zo nu en dan mogen ontwikkelingen in de stad gerust eens flink worden opgeschud. Zoals je een handje zand – dat je pakte op het zonovergoten strand – met een armzwaai over de kustlijn laat uitwaaieren. Theater De Liefde is de naam van een nieuw, kleinschalig podium, pal in het centrum van de Spaarnestad aan het Begijnhof. Je moet het maar durven: een theater openen tijdens de coronapandemie – en nog lang niet weten wanneer daar publiek aanwezig mag zijn. Dit weekeinde kwam ter kennismaking de voorstelling ‘Aanwaaien’ online. Een eerste klap die een daalder waard bleek.

door Paul Lips

(still uit de voorstelling ‘Aanwaaien’)

Via de sociale media was alles te volgen. Klussen als schilderen, kleedkamer in orde brengen en daar tapijt leggen, gordijnen en lampen ophangen, entree van het pand verfraaien, stoelenplan maken enzovoorts. Met als hoogtepunt de komst van een heuse vleugel, die in bruikleen mag worden genomen. Mylou Frencken (cabaretière), Gerrie Hondius (zandtekenares en creatieve duizendpoot) en Simone Lensink (journalist en communicatieprofessional) zijn de initiatiefnemers van dit kleinschalige theater, dat losjes geïnspireerd is op het Betty Asfalt Complex van Paul Haenen en Dammie van Geest aan de Nieuwezijds Voorburgwal in Amsterdam.

(foto Theater De Liefde)

In Haarlem waren er al eerder pogingen gedaan en bestaan er inmiddels wel degelijk kleinschalige speelplekken, zoals het Verhalenhuis in Haarlem-Noord en het Haarlemmerhout Theater bij het HFC-terrein (Van Oldenbarneveltlaan), maar deze podia ademen kennelijk net niet de sfeer die Frencken, Hondius en Lensink zoeken. Immers: beide podia programmeren (in normale tijden zonder coronapandemie) zeer ver vooruit en daar is weinig ruimte voor try-outs. Of: zoals Mylou Frencken het in haar inleiding van ‘Aanwaaien‘ verwoordt:

‘…We zochten iets, Gerrie Hondius, Simone Lensink en ik. Een plek waar het zou kunnen bruisen en zinderen. Een plek om heen te gaan en verrast te worden, om te lachen en te huiveren. Een clubhuis voor gevorderden, een cultuurschuur voor liefhebbers, een vrijplaats voor de fantasie. Een zaaltje misschien, met een verhoginkje, een podium. Liefst midden in de stad op een eeuwenoud pleintje. En we vonden het…’

(still uit de voorstelling ‘Aanwaaien’)

De volledige tekst van dit verhaal is te vinden op de Facebookpagina van Theater De Liefde, een naam met een knipoog die helemaal past in de rosse buurt waar het theater is gelegen. Het is overigens geen ‘betaalde liefde’, dit theater, want er is geen winstoogmerk. Op het moment van publicatie van dit verhaal is de door Spinoff TV (camera: Paul Bak/beeldregie: Niek van Veelen/geluid: Frank Akkerman) verzorgde youtube-link van ‘Aanwaaien’ wellicht alweer offline, maar het mag gezegd dat deze online-voorstelling een puik visitekaartje is van wat het drietal beoogt.

Door Mylou Frencken gezongen poëtische teksten, onnavolgbaar gitaarspel van Ronald Schmitz (wát een akkoorden!) en zich steeds weer opnieuw formerende zandtekeningen van Gerrie Hondius zorgen voor ruim drie kwartier onderhoudende kleinkunst. Waarin ruimte is voor raadsels, waarin het magische schuilt, en je niet precies van te voren weet ‘hoe het wordt’. De zangmelodieën van de liederen zijn geen standaarddeuntjes, maar technisch verfijnd, waarbij bepaalde tekstregels soms van een apart gitaarloopje zijn voorzien. Daardoor komen woorden en muziek mooi tot hun recht.

Het is een keurig aantal minuten en het hoeft voor zo’n online voorstelling ook niet veel langer te duren. Mocht dit wel het geval zijn, dan zou een stukje tekst in de vorm van een conférence of gedicht welkom zijn, desnoods gewoon een toelichting bij een lied, alsook iets meer muzikale variëteit. Maar net op het moment dat de spanningsboog dreigt in te zakken is daar het lied met als motto ‘Ik laat me niet leiden’. Prachtige, ‘breliaanse’ tekstregels op een gloedvolle, fado-achtige melodie.

…’Ik laat me niet leiden door tongen die sissen, door hen die beslissen over orde en macht… en ik laat me niet leiden door gierende wanhoop en woede en tranen tot diep in de nacht‘…

Voor mij persoonlijk is het prijsnummer dat tedere lied over die ‘vier seizoenen‘. Over een vrouw droomt over haar tuinman die de oude plataan en klimop snoeit, maar met wie ze stiekem best zou willen kussen. Hetgeen dan uiteindelijk ook gebeurt in het lied. De tuin is klaar, monden vinden elkaar. Hij zoent de zon in haar wakker en de herfst van haar af. ‘Het hield nooit meer op en het duurde een jaar‘. Vier seizoenen lang. Iedere dag van het jaar. Tot de herfst opnieuw aanbreekt, hij op een tak van de plataan gaat staan om te snoeien en dan…

Dit is een lied met hitpotentie, mede door de tweede stem die Gerrie Hondius al zandtekenend toevoegt. Die stemmen kleuren uitstekend bij elkaar en geven het lied een perfecte melancholie.

Of Mylou Frencken, Gerrie Hondius en Simone Lensink er in slagen Theater De Liefde op te stuwen in de vaart der volkeren valt te bezien. Een vrijplaats voor fantasie waar creatieve dingen kunnen worden uitgeprobeerd is een welkome ontwikkeling die mag worden gekoesterd en gesteund in de Spaarnestad.

Theater De Liefde Haarlem

Alain Timmers over Tributeconcert RipLive en De Grootste Band Van Nederland: ‘RipLive gaat sowieso naar volgend jaar, maar zodra het kan qua maatregelen, gaan we los met De Grootste Band’

Alles was tot in de puntjes gerepeteerd voor RIPLive 2020, dat op 13 maart van het afgelopen jaar zou plaatsvinden. ,,Maar toen in die week die persconferentie werd gehouden wist ik het meteen: dit gaat ‘m niet worden”, blikt Alain Timmers – die het jaarlijkse muzikale eerbetoon samen met Hans Goes bedacht – terug. De Haarlemmer kijkt voor Spaarnestroom vooruit naar RIPLive 2022 en het evenement De Grootste Band Van Nederland.

door Paul Lips

Alain Timmers (foto pl)

Maar eerst gaan we nog even terug naar die beruchte tweede week van maart vorig jaar. ,,We waren er helemaal klaar voor. Alle repetities waren gehouden. We stonden in de startblokken. Nou, en toen ging het dus niet door. Toen hebben we op die vrijdagavond 13 maart nog wel een klein feestje gehouden in het Wapen van Bloemendaal, voor de medewerkers aan de show. We hadden zoiets van: we gaan een borrel halen. En de kroegen waren dus nog open, dus dat kon. Nou, en daarna was het klaar. De ellende begon. Toen hebben we RIPLive eerst nog uitgesteld naar september 2020, maar dat kon ook niet doorgaan. En vervolgens stelden we het uit naar 5 maart 2021. Dat was vorige week. Ging ook niet door. Dus nu wordt het volgend jaar, 4 maart 2022.”

Arnold Smits (foto Spaarnestroom/Remco van der Kruis)

Maar eh, hoe moet het met al die dooien dan?

,,Ja, dat wordt dus ‘Kill Your Dead Darlings‘.” (Grinnikt). De vraag is: wat ga je doen. Je kan de hoogtepuntjes pakken. Maar je kan ook denken: dit zijn twee verloren jaren geweest. Eigenlijk kunnen we niet ál die doden uit 2019 en 2020 de revue laten passeren. Misschien toch een paar hoogtepuntjes uit die twee jaren er in houden. Dat is iets wat ik met mijn mede-organisator Hans Goes en muzikaal leider en gitarist Arnold Smits ga bespreken. Maar je kan maar 21 of 22 nummers kwijt in zo’n show. De actualiteit gaat vóór natuurlijk.”

https://fb.watch/4cw92xzXWj/

,,Alles was klaar, de logo’s, de filmpjes, de hele duvel en z’n ouwe moer. We hadden ‘De Diligence‘ van De Selvera’s, dat zou gezongen worden door Jildou en Sandra, de dochter en zuster van een van zangeressen. ‘Hands Off She’s Mine‘ van skaband The Beat zou voor de rekening komen van Leonard Domhof, die we kennen van de Haarlemse band The Bouncers. Lucretia van der Vloot zou ‘On The Road Again‘ van Canned Heat doen. Monique Klemann zou ‘Que Sera‘ van Doris Day zingen. En PP Fischer zou het gedicht ‘Oh Kut‘ van Jules Deelder vertolken, met jazz-begeleiding. En Freek de Jonge natuurlijk, die vond het de vorige keer geweldig om mee te doen. Hij zou het lied ‘Vissen‘ zingen, waarvan de tekst geschreven is door zijn schoonvader Eli Asser, én ‘Sophietje‘, dat we kennen van Johnny Lion.”

Monique Klemann (foto Spaarnestroom/Remco van der Kruis)

En toen kwam dus die persconferentie…

,,Op dinsdag was die persconferentie. Dat ging aanvankelijk nog vooral over ‘handen wassen’. Enorm balen was het toen we de boel moesten afblazen. Want zo’n nummer doen die artiesten maar één keer natuurlijk. Eén unieke avond, en daarna is het klaar. Je gaat niet het land in met zo’n show. Daarom is het zo zonde als je zo’n evenement moet afblazen.

En hoe staat het met De Grootste Band Van Nederland?

,,De Grootste Band Van Nederland gaan we alléén doen als alle maatregelen er van af zijn. De productie is al klaar. De logistiek staat op papier, het draaiboek is klaar. Zodra we toestemming krijgen kunnen we het evenement heel snel uitvoeren. Het mooiste is het in de zomerperiode, als de weersomstandigheden goed zijn.”

Er was nog een aspect van De Grootste Band Van Nederland dat nog niet aan bod is gekomen. De wedstrijd van het schrijven van een lied over Haarlem 775 jaar, met als thema ‘Vrijheid’.

,,We zouden voorafgaand aan DGBVN de verkiezing van het beste lied houden. Dat ging dus ook niet door. We willen dat nog steeds, maar dat kan wat ons betreft ook pas als de zaak qua corona gewoon helemaal open is. Maar dan moet er dus nog een winnaar komen. En als die leden van de Grootste Band dat dan allemaal nog moeten instuderen, dan wordt dat kort dag. Dat moeten we dus bezien.”

,,De andere nummers die we gaan spelen hebben ze inmiddels gekregen via filmpjes. Nummers als ‘War‘ van Edwin Starr, ‘Iedereen is van de wereld’ van The Scene, ‘Gimme Shelter‘ van The Rolling Stones en ‘All You Need Is Love‘ van The Beatles. Allemaal prima te spelen voor de gemiddelde muzikant, onder leiding van Jaco van der Steen. Dus ik raad alle groepsleden aan om de berichten van DGBVN via Facebook te blijven volgen.”

NASCHRIFT PAUL LIPS: Zo nu en dan interview ik Alain Timmers, meestal naar aanleiding van evenementen die in de regio Haarlem plaatsvinden. Dat zijn steevast vrolijke ontmoetingen met een uitwisseling van wetenswaardigheden en creatieve ideeën. Dit keer mocht ik op anderhalve meter te gast zijn bij hem thuis in Haarlem-Noord, waar direct de indrukwekkende Johan Cruijff-wand in de gang imponeerde. Alain verklapte dat hij werkt aan een muzikaal eerbetoon aan één van zijn twee grote helden (niet de voetballer maar die andere held), dat volgend jaar gaat plaatsvinden. Voor de foto poseerde hij bij het kunstwerk van Bibi Saelens, die het moment verbeeldde waarop de jonge Alain een handtekening vroeg aan Johan Cruijff op het HFC Haarlem-terrein aan de Sportweg, in 1966.

(2) Facebook

Voor een humaan vluchtelingenbeleid: Lopend Vuur komt donderdag 11 maart met een coronaproof-demonstratie naar de Grote Markt in Haarlem

Er komt weer een demonstratie voor de opname van vluchtelingenkinderen en voor een humaan vluchtelingenbeleid. Donderdag 11 maart, van 17.30 tot 18.30 u. op de Grote Markt in Haarlem. Ging het de vorige keren nog om een stille bijeenkomst, dit keer zullen ook sprekers van zich laten horen, vertelt Wera de Lange van het Comité Vluchtelingenkinderen Haarlem. ,,De demonstratie is onderdeel van de landelijke actie ‘Lopend Vuur’, die plaatsvindt in heel Nederland in aanloop naar de verkiezingen.” Stadsdominee Tom de Haan en cabaretier/acteur Erik van Muiswinkel leveren een bijdrage. ”De meeste Nederlanders zijn een stuk gastvrijer dan hun regering”, zegt Erik van Muiswinkel er over.

door Paul Lips

Wie de actualiteit volgt heeft gehoord over de beschrijvingen die tot ons komen via correspondenten in Griekenland: kinderen die verblijven in provisorische kampen, in de blubber, zonder fatsoenlijke sanitaire voorzieningen. Erbarmelijke omstandigheden. Het zijn vluchtelingenkinderen voor wie momenteel weinig perspectief kan worden geboden. Het is het bekende verhaal van de gammele bootjes, de risicovolle oversteek, de overkant zien te bereiken en dan maar zien of er mensen zijn die een helpende hand bieden.

Wera de Lange en Josine Nolet (foto Comité Vluchtelingenkinderen Haarlem)

Afgelopen jaar waren er op zomerse donderdagavonden met grote regelmaat stille demonstraties gehouden op de Grote Markt. Een enkele keer werd uitgeweken naar het Stationsplein. De bijeenkomsten waren geïnitieerd door Josine Nolet en Wera de Lange, die daarvoor het Comité Vluchtelingenkinderen Haarlem hadden opgericht. ‘Vluchtelingenkinderen welkom’, was de kreet. Nederland zou minstens 500 vluchtelingenkinderen kunnen en moeten opnemen, was het idee. Allerlei gemeenten – 178 stuks, en vijf provincies – lieten afgelopen jaar weten dat de kinderen daar welkom zijn. De landelijke politiek bleef hopeloos steken. ‘Er zou geen draagvlak zijn’, klonk het. Vijfhonderd kinderen, hoe moeilijk kan het zijn om deze groep asiel te bieden in ons land. Het kabinet bleef echter weigeren. In Haarlem zijn de kinderen welkom.

Deze weken – sinds 1 maart – is voorafgaand aan de verkiezingen de actie ‘Lopend Vuur’, waarbij actievoerders vanuit allerlei landelijke steden richting Den Haag trekken. Donderdag 11 maart komt de groep naar Haarlem, waarna Hoofddorp, Noordwijk en Leiden volgen, om uiteindelijk met een wake op 16 maart in Den Haag te eindigen.

,,De actievoerders wandelen en fietsen en hebben een vlag en olielamp bij zich, waarmee ze het Lopend Vuur verspreiden”, legt Wera de Lange uit. ,,Helaas is de weersverwachting voor donderdag 11 maart beroerd, flinke wind en regen. Dus we hopen er op dat mensen zich – coronaproof – bij de demonstratie aansluiten en dat ze de weersomstandigheden willen trotseren. Het tijdstip is anderhalf uur vervroegd, de demonstratie is van half zes tot half zeven, vóór zonsondergang. Alles dus op anderhalve meter afstand.”

De actievoerders vragen:

  • Spoedige overname van 500 onbegeleide minderjarigen en andere kwetsbaren uit de kampen in Griekenland.
  • Overname van jaarlijks 5000 erkende VN-vluchtelingen uit crisisgebieden.
  • Een gulle voortrekkersrol voor Nederland in het migratiebeleid van de EU
Erik van Muiswinkel (foto Janita Sassen/Bunker Theaterzaken)

Gesproken zal er worden door Erik van Muiswinkel (cabaretier/acteur), door Maanaas Naajaar en haar moeder (Syrische vluchtelingen), Roos Ykema (taaldocent en betrokken bij de organisatie Migreat) en door stadsdominee Tom de Haan, die zich kan vinden in de omschrijving: ‘de actie heeft geen specifiek religieus karakter’.

stadsdominee Tom de Haan (foto: Fjodor Buis)

Tom de Haan: “Dit protest mag dan geen specifiek religieus karakter hebben, maar waar al die mensen deze dagen voor door heel Nederland lopen, waar wij met elkaar hier voor samenzijn, heeft wel degelijk met onze diepste levensovertuiging te maken. Het gaat er om wat een mensenleven waard is, dat van een onbekende ander, net zoveel als van onszelf. Dat ís levensbeschouwing. En die laat zich niet beperken tot Jodendom, Christendom of Islam, maar mag zich daar wel mee verbonden weten. Hoe wij met de ander omgaan, staat niet los van hoe we met onszelf omgaan. Mensonwaardige situaties, zijn een aanslag op ons mens-zijn. En daarbij: wie zich niet neerlegt bij de wereld zoals ie nu is, maar gelooft dat de wereld liefdevoller en vreedzamer zou kunnen zijn, die noem ik per definitie een gelovig mens.”

(foto: Migreat)

https://migreat.org/lopendvuur

Vluchtelingenkinderencomité Haarlem | Facebook

Gustan Asselbergs over zijn verhalenbundel ‘In een veilinghuis wordt niet gelezen’

Van Haarlemmer Gustan Asselbergs verscheen onlangs de verhalenbundel ‘In een veilinghuis wordt niet gelezen’, waarin het draait om het doen en laten in en rond een veilinghuis en waarin Asselbergs zich zowel het lot van boeken als de daaraan verknoopte mensen aantrekt. Het curieuze is dat de eerste druk in no-time is uitverkocht. Een tweede druk is in voorbereiding.

door Paul Lips

Gustan Asselbergs (foto pl)

Gustan Asselbergs is een creatieve Haarlemmer. Actief als slagwerkdocent en uitvoerend musicus, waarbij allerhande samenwerkingen, muzikale eigenzinnigheid en het fenomeen ‘improvisatie’ een rol spelen. Voor de inleiding van de vijf beschouwingen die ‘In een veilinghuis wordt niet gelezen‘ telt wist zijn uitgever de vermaarde historicus en schrijver Willem Otterspeer te strikken, die zich op gloedvolle wijze van deze taak heeft gekweten. ‘Veilinghuizen zijn stranden vol flessenpost, waar de zeedrift van eeuwen het verlangen van zwervers stilt’. Otterspeer verhaalt over ‘albuminedruk’, de sensatie van het voelen, verzamelen en bieden en de uiteindelijke vergankelijkheid der dingen. Met die bagage en de vooraf gelezen verhalen meld ik me op een mistroostige maandagochtend in de wijk Rosehaghe bij de Zijlweg, voor een gesprek dat zich afspeelt in het drumles-prieeltje van de auteur.

Een bijzondere plek, zo’n veilinghuis…

,,Inderdaad een plek waar je niet zomaar terecht kunt voor een corona-uitje, haha. Je zult er niet zo snel dagjesmensen treffen. Er zijn veilingen van allerlei soort. Veilingen met inboedels bijvoorbeeld, dat is meer de brocante-hoek. Het boekenveilinghuis of het kunstveilinghuis is natuurlijk wel de plek waar de echt geïnteresseerde verzamelaar komt. Daar is ook een financiële drempel. Je moet het er voor over hebben om die materiële spullen ter verzamelen en aan te schaffen. Of je hebt gewoon de handelaar.”

Je hebt zelf in zo’n veilinghuis gewerkt…

,,Ik had een voltijds-aanstelling en was lid van het team. Veilingmedewerker ben je dan. Je gaat dan leren beschrijven. Een heel lang leertraject voordat je zelfstandig kunt opereren. Daarvoor moet je heel veel visuele kennis opdoen. Van wat er is, waar het vandaan komt, wat de staat van iets zegt over het product. Een soort taxatie, meteen als je het boek openslaat. Je visuele geheugen uitbreiden.”

Kan iedereen dat leren?

,,Het werkt in je voordeel als je een geesteswetenschappelijke achtergrond of opleiding hebt. Talen zijn heel belangrijk. Als je boeken wil doen moet je gewoon goed in de talen zijn. Maar ook: een boekenmens zijn. Anders schiet het niet op, haha. Je moet wel een band hebben met datgene waar jou werk over gaat. De mensen die heel erg bezig zijn met tekeningen en schilderkunst die zijn helemaal maf van kunst. Ik had dus meer te maken met boeken, foto-albums, ansichtkaarten en dergelijke. Verder is het al doende leren. Je moet het spul adequaat kunnen beschrijven, en vervolgens goed neerzetten. Dat beschrijven doe je met behulp van handboeken.”

Een hele analoge manier. Ook voor de klanten. Tegenwoordig zoekt iedereen immers alles op via google…

,,Met die stap naar digitalisatie dreigen we de oorsprong, de bron kwijt te raken. Dat maakt mensen ook gemakzuchtig en lui. Ze denken dat ze zich alles maar kunnen toe-eigenen. Spullen die in een veilinghuis tevoorschijn komen die vergen wat inspanning. Je moet je weg weten, je moet je weg weten, je laten ‘inwijden’, om het maar even religieus te zeggen.”

En nu heb je dit boek geschreven. Het valt me op dat alles wat jij uitbrengt – of het nu gaat om muziek of om dit boekje – getuigt van een bepaalde zorgvuldigheid. Het is kortom geen ‘gelul’. Het gáát altijd ergens over.

,,Er wordt natuurlijk ontzettend veel geschreven en er is heel veel gepraat op papier. Als het om schrijven en om taal gaat dan probeer ik wel heel zorgvuldig te zijn. Er wordt immers ontzettend veel geschreven en uitgebracht. Stukken, stukken óver stukken en dáár weer stukken over. Meta-media. Daardoor dreigen dingen die er toe doén naar te achtergrond te verdwijnen. Maar juist die dingen die er toe doen, daar ligt mijn belangstelling. Ik voeg graag iets wezenlijks toe. Zo scherp en zuiver mogelijk.”

We praten over ‘nep’ en ‘echt’. Het werk van vervalsers en dat het voor het grote publiek kennelijk geen reet uitmaakt of een kunstwerk oorspronkelijk is of vals. Over de Mona Lisa-met-een-snor van Marcel Duchamp, shock-effecten en hoe vaak je zulke effecten opnieuw kunt bewerkstelligen. Hoe vernieuwers uiteindelijk ingelijfd worden in het systeem. Over het ervaren van kunst, echte ervaringen, zonder meteen een foto of selfie te maken. Over eerste drukken en typoscripten. Dat verhaal over dat sigarenkistje met originele getypte gedichten van Jan Arends, dat ooit geveild schijnt te zijn.

Jouw verhalen doen een beroep op de verbeelding. Je ziet die figuren als het ware rondschuifelen, daar in dat veilinghuis…

,,Heel veel mensen komen naar kijkdagen, maar je kunt je afvragen in hoeverre het nou echt om de inhoud gaat. Iemand checkt de status van een boek of dat het dat éne exemplaar is dat zijn of haar verzameling compleet maakt. En dan zie ik ineens iemand die in zo’n boek begint te lezen. Dat is vind ik dan wel weer grappig. Zelfs in een veilinghuis loop je altijd het gevaar dat je alleen maar met dingen bezig bent als objecten…”

(foto pl)

,,Als je daar een aantal jaren werkt loop je het gevaar blasé te worden en draai je mee in dat hele mechanisme. Dat het je niet meer verbaast dat eerste drukken van poëziebundels het pand verlaten. Ik schrijf in m’n boek over het verzamelde werk van dichter Martinus Nijhoff, en dat dat niet interessant is voor de veiling maar waarschijnlijk opgekocht gaat worden door een handelaar. Dat ik dan zie dat Nijhoff een gedicht van T.S. Eliot heeft vertaald: ‘The Love Song of J. Alfred Prufrock‘. Dan ontdek ik ter plekke hoe veel die Nijhoff blijkbaar heeft vertaald van andere dichters. Je kunt dan klagen dat die boeken weg moeten, maar dat laat anderen koud. Het gaat om spullen die je door je handen laat gaan. Maar eigenlijk gaat het natuurlijk om ménsenlevens. Mensen die kunst maken.

Die sensatie-ervaring had ik trouwens ook bij het manuscript van Bernlef van ‘Hersenschimmen‘ dat geveild ging worden. Dat mochten we even inkijken. Een schoolschrift eigenlijk. Op de rechterpagina de tekst en dan zie je daar allerlei doorhalingen en aanwijzingen bij. En dan links ruimte voor de auteur zelf om er suggesties bij te schrijven. Dan ben je zó dichtbij dat kunstwerk. Je ziet het procédé, een glimpse van de kunstzinnige activiteit.”

,,Bij eerste drukken van bijvoorbeeld poëzie is het van belang dat het onbeschadigd is. Anders is er altijd wel ergens een meer ‘gaaf’ exemplaar te vinden. Een tegen die boekwinkeltjes-aan-huis is niet op te boksen. Voor boeken is er langzaam aan wat minder belangstelling. Ik denk dat dat te maken heeft met de ‘ontlezing’. Ouderen hebben die interesse nog wel. Maar verder is er veel interesse in kunst. Die prijzen rijzen de pan uit. Kunstenaar Banksy heeft daar prachtig de spot mee gedreven, met dat kunstwerk dat zichzelf vernietigde op een veiling. Wat ik ook interessant vind zijn die zaken die er net tussenin zitten. Foto-albums, brievenverzamelingen enzovoort. Van die spullen waar het leven nog zo omheen hangt, zoals in het verhaal ‘Feldpost‘ of het verhaal ‘Chao Chow‘. Dat probeer ik in mijn boek te beschrijven. Dan doe ik ook echt onderzoek naar de verhalen. Dus ik ben eigenlijk niet geschikt als veilingmedewerker. Omdat het draait om het ‘zoveel mogelijk kavels’ in gereedheid brengen. Het liefst zou ik al die boeken lezen en fotoalbums uitgebreid doorbladeren.”

‘In een veilinghuis wordt niet gelezen’ is verschenen bij uitgeverij Fragment en kost 17,50. De tweede druk is inmiddels (24 februari) verschenen.

https://www.uitgeverijfragment.nl/

gustanasselbergs.com