Being The Beat: kunst om te ervaren

Een zonnige vrijdagmiddag. Zo’n dag met mooi februarilicht, waarvan sommigen dan geneigd zijn op sociale media foto’s te plaatsen met de kreet ‘de lente komt er aan’. Zo’n middag wandelde ik kunstruimte 37PK binnen. Een bezoeker kwam juist teruggelopen. ‘Being The Beat’ heet de installatie die er te zien is. Vervaardigd door Marcella Kuiper en Albert Aarts, oftewel ‘CellaVie L*A*B’.

door Paul Lips

Het fenomeen ‘licht’ staat centraal, maar er klinkt ook spaarzaam geluid. Met behulp van technische middelen zijn er telkens wisselende lichtpatronen te zien. Licht en donker, donker en licht. Ruitvormige patronen, die ogen als ruim opgezette visnetten. Licht dat valt op de draden die gespannen zijn in de verduisterde zaal, als draden van spinnenwebben in herfstlicht. Lichtpatronen die zich langzaam een weg over de vloer banen.
Het is een kunstwerk dat je als kijker dient te ervaren. Oordelen is niet nodig. Mede door de begeleidende klanken (een ‘soundscape’ van LABOR oftewel Jorinde Kuiper) werkt die ervaring rustgevend, juist in een overstuurde maatschappij die je heel even buiten de deur kunt houden.


Onlangs overleed musicus Reinbert de Leeuw. Iemand beschreef op Facebook een mooie ervaring tijdens een live-optreden van de pianist, hoe zijn bril van zijn neus gleed en hoe De Leeuw onverstoorbaar door bleef spelen. Iemand die op dat bericht reageerde vond De Leeuw’s muziek ‘niet om aan te horen’. Dat intrigeerde mij zodanig dat ik de afgelopen dagen regelmatig lukraak een uitvoering door De Leeuw en kompanen heb beluisterd. Vreemde fluitklanken, denderende slagen op toetsen en meer ontregelende muziek. Namen van componisten als Ligeti en Ustvolskaya.


Je zo nu en dan laten verrassen, ik hou er van. Elke dag naar het Rijksmuseum om De Nachtwacht te gaan bekijken kan onderhoudend zijn. Maar persoonlijk vind ik het aardig om zo nu en dan juist kunst te ervaren die je nimmer hebt waargenomen. Schilderijen met vlakken, maffe installaties, voor mij part een tentoongestelde pispot.
Er zijn in de kunstgeschiedenis verschillende voorbeelden van artiesten die het licht en rol laten spelen. Rembrandt met zijn clair-obscur, Edward Hopper met een schilderij als ‘Sun in an empty room’, Dan Flavin met zijn lichtinstallaties, niet alleen in musea maar ook in de openbare ruimte.

Licht is ongrijpbaar, evenals het begrip ‘tijd’. Je moet er niet aan denken dat je de hele dag in daglicht zou moeten doorbrengen, of enkel in nachtelijk donker. Juist dat ritme van dag en nacht houdt de dingen in balans. In die zin heeft dus alles een ritme, zoals in de begeleidende tekst van de tentoonstelling wordt gemeld.
Daarbij moest ik tegelijkertijd denken aan Hans Andreus, de dichter die het fenomeen licht in zijn poëzie probeerde te vangen.

De bewegingen van het licht

Ik kijk
naar het licht
en de bewegingen van het licht:

bladergeblikker buiten,
de elektronische flitser
van ergens tussen het gras
een stukje glas of steen,

de klam verschuivende vlakken
van het licht over de vloer
en tegen de muren en hoe het

elk ding een beetje optilt
en je manier van lopen
tegelijkertijd nog iets
versoepelt en vertraagt,-

ik kijk
naar het licht
en de bewegingen van het licht
(en dit was dan nog maar een kleine keuze)

alsof ik het voor het eerst zie, een
ademloze aanblik.

Hans Andreus

‘Being The Beat’ in 37PK, Groot Heiligland 37, Haarlem. Donderdag t/m zondag van 13.00 – 17.00 uur. Tot en met 15 maart.

https://37pk.nl/

paulenremco