Het Haarlemse cabaretduo Stan en Wietse zou op 21 maart 2020 de voorstelling ‘We zullen zijn’ spelen in de Kleine Zaal van de Philharmonie aan de Lange Begijnestraat. En toen brak de coronapandemie uit en ging het hele feest niet door. Zou het in 2021 dan wél mogelijk zijn? Ook niet dus. Maar dit jaar, om precies te zijn op zaterdag 19 maart 2022 mogen de heren eindelijk los. De laatste repetities worden gehouden en Spaarnestroom mocht exclusief een kijkje komen nemen.

tekst: Paul Lips
fotografie: Remco van der Kruis

De gymzaal van de Jacobaschool aan de Lanckhorstlaan in Heemstede. Koffie en stroopwafels binnen handbereik. Want stroopwafels, die horen er altijd bij. Ook in de ‘Hut der Hutten’ bij Baarle, waar in een eerder stadium de schetsen voor de voorstelling werden geschreven. Ondertussen kijkt de verslaggever met enig afgrijzen naar de ‘kast’, de ringen en het wandrek, die herinneringen oproepen uit vervlogen tijden.
“We zijn eigenlijk nog steeds wel een beetje aan het schaven”, legt Stan Put uit. “Vorig jaar hebben we de zooi min of meer in een hoek gesmeten en een jaar laten liggen. Pas de laatste zes maanden hebben we het weer opgepakt. Dingen herschreven. Want sommige stukken hebben ineens een andere klank, een andere betekenis gekregen nu we twee jaar verder zijn. Toen gaandeweg duidelijk werd dat de maatregelen grotendeels zouden worden opgeheven sprongen we een gat in de lucht. Eindelijk gaat het nu echt door: spelen in een uitverkochte zaal.”
Vertrekpunt van ‘We zullen zijn‘ vormt het feit dat Stan en zijn vriendin tijdens een vakantie in Umbrië in Italië een ontmoeting hadden met een oude wijnboer, en dat er verderop in de streek een oude boerderij te koop stond. Hoe zou dat zijn, om de deur in Haarlem dicht te trekken en te verkassen naar Italië…

 

Ondertussen heeft Stan’s zoon Daan Put (‘onthou die naam, hij gaat ook het vak van kleinkunstenaar in en zit nu in zijn tweede jaar op de academie’) al de nodige regie-aanwijzingen gegeven en streng gekeken naar de inhoud. Wietse Algera: “Daan kijkt naar hoe we staan, hoe we bewegen. Naar hoe we het verhaal vertellen. Ja, hij kijkt kritisch.
Stan: “Maar ik denk dat we een mooi programma hebben gemaakt dat stáát. Niet een lachen, gieren, brullen-show, maar een verhaal met een kwinkslag, eigen beelden en sfeervolle liedjes.”
Wietse: “Een cabareteske muziekvoorstelling. Eigenlijk willen ze geen cabaret meer in de Philharmonie. Het galmt daar te veel, vinden ze. Maar wij denken dat het wel kan hoor.”
Stan: “Er is een nieuwe geluidsinstallatie én er staan natuurlijk een vleugel. Ik speel afwisselend op de vleugel en op mijn digitale keyboard. Voor de afwisseling.”
Wietse: “We hopen dat ‘We zullen zijn’ aanslaat. En daarna kunnen we mogelijkheden onderzoeken om in kleine zalen op te treden, zoals Het Oude Raadhuis in Hoofddorp. Het is nooit te laat voor de grote doorbraak, haha.”

Pin It on Pinterest

Share This