Tonneke Sengers onderzoekt het bewegende en stilstaande beeld: ‘ik heb eerst iets bedacht, en dan later begrijp je hoe het zit’

Through the Bathroom Window‘ is de titel van de nieuwste Vishal-tentoonstelling waarin de buitenwereld naar binnen ‘sijpelt, stroomt, kruipt en breekt’. De grens tussen binnen- en buitenwereld is immers ‘fluïde’, aldus curator Renée Borgonjen. De regel ‘through the bathroom window’ verwijst naar een lied van Paul McCartney, met een nonsens-tekst waarin een groupie-achtige dame zijn huis binnendringt. De buitenwereld die even met de deur in huis komt vallen, terechtgekomen op het Beatles-album ‘Abbey Road‘. Een van de vier exposanten is Tonneke Sengers, die speciaal voor deze tentoonstelling het werk ‘20FPS, analyse van een stilstaand beeld‘ vervaardigde. ‘Twintig frames per seconde’, de snelheid die beweging impliceert. Frames – twee die op het eerste gezicht identiek lijken, maar toch gekenmerkt worden door subtiele verschillen.

interview: Paul Lips

fotografie: Remco van der Kruis


Sinds jaar en dag ben ik een liefhebber van het werk van de Haarlemse Tonneke Sengers. Het gaat om min of meer abstract werk, symmetrisch, meestal bestaande uit lijnen, rasters, vierkanten of kegels. Een ‘abstract geometrische vormentaal’, zoals op haar website te lezen valt. De omgeving waarin het kunstwerk is geplaatst of gemaakt is van invloed op de kijkervaring. Licht en schaduw doen er toe. Zo nu er dan is er sprake van kleur, maar in beperkte mate. Het werk van Tonneke Sengers wordt regelmatig geëxposeerd in kunstruimten en galeries – nationaal en internationaal – , soms in combinatie met verwante kunstenaars. Ook maakt Sengers werken geschikt voor de openbare ruimte. Voor de tentoonstelling ‘Through the Bathroom Window’ werd Sengers gevraagd door curator Renée Borgonjen. Vandaar dat Remco & Paul afgelopen week koers zetten richting De Vishal, om haar te laten vertellen over de serie frames die ze speciaal vervaardigde. Een associatieve gedachtestroom kwam op gang, die we graag zonder tussenteksten tot zijn recht laten komen. Het woord is aan Tonneke Sengers.

Tonneke Sengers in de Vishal

“Dit is inderdaad écht een heel project geweest, dat ik speciaal voor deze tentoonstelling heb gemaakt. Toen Renée mij vroeg is het project eigenlijk een eigen leven gaan leiden. Het is steeds verder uitgebreid, en weer veranderd. Ik wilde meedoen met frames. Zonder schilderkunstige details. Die heb ik voor dit project helemaal weggelaten. Ik wilde m’n gedachten laten gaan, ik heb veel gewandeld. Er zit een heel verhaal achter. Dat verhaal is er op zich natuurlijk leuk bij, maar het zal de kunst nooit echt helemaal verklaren.”

“Ik ben ook museumdocent in het Teylers Museum. Daar ben ik altijd heel erg gefascineerd door die schedel van die mastodont. Een schedel van een mammoet, een soort voorloper van de olifant. Toen ze dat ding opgroeven dachten ze: dit is een schedel van een cycloop, van een reus! Dus mijn inspiratie was: het gaat er om wat je ogen zien, en wat je hersens denken, en andersom. Op het moment dat die resten van die mastodont werden opgegraven hadden ze nog nooit van een mastodont gehoord. Dus je hersens bepalen voor een deel wat je waarneemt. Iemand had laatst via internet een werk van mij gekocht, maar had niet gezien dat er gaten in zaten. Dus je bent geconditioneerd in je kijken.”

“Curator Renée Borgonjen zei: ‘als je er dan langs loopt lijkt het een ‘zoötroop’. Je kent het wel, zo’n boekje waarbij als je snel bladert het net lijkt of er beweging in te zien is. Maar toen dacht ik: dan moet het anders, dan moet ik het veel radicaler aan gaan pakken. De serie frames liep van 1 tot en met 20. Elke keer kwam er een gat bij in een apart frame, maar het moest wel symmetrisch blijven. Ja, dat is bij mij altijd het geval, symmetrisch. Ik denk altijd: waarom zou ik het asymmetrisch maken als het symmetrisch kan. En ik ben blij met een limiet. Een kader waarbinnen ik kan werken.”

“Ik laat mijn werk bepalen door de context. De eerste indrukken moeten allemaal hetzelfde zijn. Bij film richt je je toch meer op wat zichtbaar is. Bij mijn werk is het meer ‘wat er niet is’. De gaten bepalen het verschil tussen de beelden. De ene keer zie je een gat, en de andere keer is zo’n vlak gevuld. Het gaat er dus eigenlijk om wat er áchter het beeld gebeurt. Ook met het licht en de schaduw. En als je die frames allemaal op elkaar stapelt kom je weer uit op hetzelfde beeld. Snap je?”

20FPS - detail

“Ik heb die frames dus eerst een keer allemaal boven op elkaar gestapeld. Ik was ook geïnspireerd door het ‘Zwarte Vierkant’ van Malevich. Hij zei: alles wat tot nu toe is geschilderd, als je dat zou opstapelen, dan kom je uit op het zwarte vierkant. Tenminste, ik dácht dat het een uitspraak van Malevich was, maar dat blijkt hij dus nooit te hebben gezegd. Curator Renée Borgonjen heeft zich een ongeluk zitten zoeken in encyclopedieën en op wikipedia en dergelijke, die kon die uitspraak niet terugvinden.”

Als je van bovenaf zou kijken kom je tòch weer tot hetzelfde beeld. Dat ene frame dat dáár links apart hangt is eigenlijk het begin en het einde. Als je het in een film zou analyseren krijg je die hele rij. En dan kom je weer bij die mastodonten uit. Ik heb het precies andersom gedaan. Ik heb éérst iets bedacht, en dan later begrijp je hoe het zit. Snap je? Het is net andersom.”

“Ik wil de toeschouwer laten denken: wat zou er achter dat beeld zitten? Elk beeld dat we zien is opgebouwd uit een heleboel lagen. Als je dat in één seconde zou afspelen dan krijg je toch weer hetzelfde. Boven de zestien frames kunnen wij de afzonderlijke beelden niet meer zien. Dus vandaar dat je dat beeld dan weer ziet, als je het in één seconde zou afspelen.”

Tonneke Sengers in de Vishal

“Ik heb dagelijks – vier keer in de week – steeds dezelfde wandeling gedaan. In Middenduin in Overveen. Elke keer die drieënhalve kilometer, elke keer hetzelfde. Dan ga je steeds meer zien. Je krijgt oog voor veel meer kleine details. Hee, dít was er gisteren nog niet. Die meerkoetenfamilie bijvoorbeeld zat eerst op dat nest, en op een gegeven moment was het leeg. En dan was dat mannetje al steeds op en neer geweest met takjes en zo. Dat wandelen kan ik iedereen aanraden. Ik doe het nog steeds bijna dagelijks.”

“Deze rij frames heeft hele kleine verschillen in de details. Renée schreef de tekst voor de brochure. ‘Ja, er kwam elke keer een gat bij, maar het bleef wel symmetrisch’. Renée dacht: dat kan toch niet? Klopt het wel? Bijvoorbeeld nummer drie van de frames, is die nog steeds symetrisch? Maar dat kan natuurlijk omdat in het midden drie vlakken zitten. Dus je kan ook de oneven bedienen, zeg maar. Snap je het nog, of niet?”

“Minimalisme of minimalistische kunst verwijst inderdaad alleen naar zichzelf. Bij mij zit er wel iets meer associatie in, je kunt bijvoorbeeld denken aan badhokjes, Japanse kamerschermen of iets dergelijks. Ik maak ook wel minimalistisch werk. Maar dit werk ‘20FPS‘ is ook gebaseerd op een schilderij uit 2007, ‘Black Lines I‘. Toen schilderde ik nog. Deze frames ontwerp ik op de computer en laat ze laseren. Als het makkelijk kan ga ik echt niet moeilijk doen.”


‘Through the Bathroom Window’, met werk van Maurice Bogaert, Sylvie Zijlmans, Irene van de Mheen en Tonneke Sengers. Tot en met 19 september in De Vishal, Grote Markt 20, Haarlem. Dinsdag tot en met zaterdag open van 11.00 tot 17.00 uur. Zondag open van 13.00 tot 17.00 uur. Bij de installatie van Tonneke Sengers is een door curator Renée Borgonjen geschreven publicatie verschenen, die te koop is aan de balie.

De Vishal

Tonneke Sengers

paulenremco

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *